Blog

Hoe koud moet een datacenter zijn?

Voor een optimale levensduur en beschikbaarheid van apparatuur

“Pak je jas, we gaan naar het datacenter.” Een zin waar ruim tien jaar geleden niemand raar van opkeek. Ondertussen is het klimaat, waaronder dat in datacenters, hot topic. Het is een misverstand dat datacenters altijd frisjes moeten zijn. Maar hoe warm mogen ze worden, zonder de levensduur en beschikbaarheid van apparatuur negatief te beïnvloeden?

 Elke server in een datacenter is op zichzelf een soort verwarming die altijd aanstaat. Het overgrote gedeelte van alle energie die wordt verbruikt door IT-apparatuur wordt omgezet in warmte. Servers draaien 24/7 om de continuïteit van bedrijfsprocessen te garanderen. Niet alleen de apparatuur verbruikt daarbij veel energie, ook de koelingssystemen van het datacenter draaien continu om oververhitting en daarmee storingen en dataverlies te voorkomen. Klimaatbeheersing is een van de grootste uitdagingen voor datacenters.

Datacenters zijn continu op zoek naar nieuwe manieren om hun serverruimtes energie-efficiënt te koelen. Ze hanteren daarbij hogere temperaturen als norm dan een decennium geleden. Zo raadt de ASHRAE TC9.9-richtlijn een inlaattemperatuur van 18 tot 27 graden aan in combinatie met een luchtvochtigheidsgehalte van 20 tot 80%1. Niet bepaald een klimaat waarin je je winterjas aantrekt.

De aanbeveling van het Uptime Institute is om de temperatuurbovengrens te verlagen naar 25 graden2. Daardoor worden veranderende omstandigheden en verstoringen beter gecompenseerd. De beschikbaarheid mag immers op geen enkel moment in gevaar komen, en is ondergeschikt aan het energievraagstuk.

Temperatuursverhoging en tariefverlaging
Energie is de belangrijkste variabele in de kosten die datacenters maken en de tarieven die zij hanteren voor hun klanten. Zo kan de energiebehoefte van de koeling tot maar liefst 30 tot 50% van het totale energieverbruik3 oplopen. De optimalisatie van de klimaatbeheersing is dus een win-winsituatie.

Als de koeling slecht wordt geïmplementeerd, kan het vermogen dat nodig is om het klimaat te regelen zelfs overeenkomen met of groter zijn dan het vermogen dat wordt gebruikt om de IT-apparatuur zelf te laten werken4. Power Usage Effectiveness-waarde (PUE) is een vaak aangehaald criterium om de efficiëntie van een datacenter te beoordelen. Hoe dichter deze waarde bij ‘1’ komt, hoe duurzamer het datacenter is op het gebied van energieverbruik.

Een eenvoudige, maar beperkte manier om energie te besparen, is het verhogen van de temperatuurinstelling van de bestaande koelinstallatie. Het toestaan van hogere temperaturen in een datacenter biedt ook de mogelijkheid om nieuwe, innovatieve, energie-efficiëntere koelingsmethodes te implementeren. Hiermee kunnen veel grote besparingen worden behaald. Indirecte (tegen de buitenlucht) adiabatische koeling is een goed voorbeeld van zo’n innovatie.

Op zoek naar een (nieuw) datacenter?
Overweegt u uw servers te verhuizen naar een (ander) datacenter en bent u benieuwd waar u, behalve de temperatuur, nog meer naar moet kijken? Download dan gratis het e-book 10 criteria waarop u moet letten bij de keuze voor een datacenter

 

Terug naar overzicht
Deel dit artikel: